Baksteen, middeleeuwse maten

Na de Romeinse tijd is de productie van baksteen in Nederland gestopt om pas weer in de middeleeuwen op gang te komen. In de twaalfde eeuw herintroduceerden kloosterlingen het bakken van stenen uit klei in Nederland en Vlaanderen. Ook in Friesland werden al heel vroeg stenen gebakken. Tot dan toe werden belangrijke gebouwen vooral met tufstenen gebouwd. Die waren 35 x 17 x 8,5 à 9,5 centimeter groot. De eerste bakstenen werden net zo groot gemaakt en staan bekend als kloostermoppen. Aanvankelijk werden ze ook uitsluitend gebruikt voor kloosters en andere belangrijke gebouwen. Na de kloostermoppen zijn de bakstenen in de loop van de tijd steeds kleiner geworden. Kleinere stenen zijn namelijk makkelijker te bakken en vooral beter te hanteren. Bovendien is metselwerk met kleine bakstenen en fijn voegwerk in de loop van de tijd een modeverschijnsel en een teken van welstand geworden.


Regionale formaten

De productie van bakstenen vond overal plaats waar klei voorhanden was en bakstenen nodig waren. Later werd de productie steeds meer geconcentreerd in het rivierengebied en in de provincies Friesland en Groningen. Na verloop van tijd onstond er enige standaardisatie van de steenformaten en kregen de meeste regio's een kenmerkend formaat baksteen:













Verkleinen van baksteen

Om een goed verband in het metselwerk te krijgen is het noodzakelijk om bakstenen te halveren en dergelijke. Er zijn verschillende manieren om een baksteen te verkleinen, de afbeelding geeft verduidelijking in de terminologie hiervan. Er wordt gesproken over:
















In de fundamenten van gebouwen, meestal bogen of tongewelven, en vooral in de fundamenten van torens werd de kalkmortel niet vermengd met zand of gemalen schelpen, maar met veldspaat of liever gezegd klei. Klei is niet korrelvormig zoals zand en schelpen, maar bestaat uit plaatjes die gemakkelijk over elkaar heen glijden. Daardoor wordt de mortel gedurende lange tijd heel elastisch en kan een fundament zich door de jaren heen uitstekend zetten en kan verzakking voorkomen worden.

De Amersfoortse voet
Middeleeuwse maten verschilden soms van stad tot stad. Zo was de Amersfoortse voet  32 cm, in plaats van 28 cm in Gelderland en 34 cm in ‘t Gooi.


Metselwerken

Metselverbanden

Metseltekens

De rol van bakstenen in de bouwhistorie uit: Flehite Historisch Jaarboek 2004 blz. 58
                                                                                         door: Albert van Engelhoven